Deze activiteit maakt deel uit van het project PLONS.
Kinderen gaan op zoek naar microplastics in West - en Oost - Vlaanderen.
Tijdens de zoektocht wordt ook stilgestaan bij hoe die plastics in het water terecht komen maar vooral ook hoe dit vermeden kan worden.
Wegwerpverpakkingen maken een groot deel uit van het plasticafval.
Tijdens deze activiteit:
- Verkennen en bespreken de kinderen eigenschappen van verpakkingen.
- Onderzoeken kinderen de eigenschap van materialen om koekjes te bewaren.
- Ontwerpen de kinderen een eigen verpakking aan de hand van enkele criteria.
- Leren de kinderen over afvalpreventie en initiatief tot burgerschapsonderzoek.

Meer info?
https://www.odisee.be/onderzoeksprojecten/plons
https://www.vives.be/nl/onderzoek/onderwijsinnovatie/plons-plastic-onderzoek-het-scheldestroomgebied
Minimumdoelen lager
Relatie tussen organismen en tussen organismen en omgevingsfactoren in een biotoop
3.2.4 De leerlingen weten dat mensen een positieve en negatieve impact kunnen hebben op het ecosysteem.
Natuurkundige verschijnselen
3.5.7 De leerlingen kunnen natuurkundige verschijnselen onderzoeken met behulp van de onderzoekscyclus.
Systematische en methodische benadering van wetenschappelijke en technologische problemen.
Onderzoekende houding
3.6.1 De leerlingen kennen de volgende begrippen: de onderzoekscyclus, eerlijk onderzoeken, verkennen, onderzoek opzetten, onderzoek uitvoeren, concluderen, presenteren.
3.6.2 De leerlingen kennen de onderzoekscyclus als een gestructureerde aanpak met de volgende fasen: verkennen, onderzoek opzetten, onderzoek uitvoeren, concluderen, presenteren.
3.6.3 De leerlingen kunnen een onderzoek opzetten met behulp van de onderzoekscyclus.
3.6.4 De leerlingen kunnen de volgende basisprincipes van eerlijk onderzoek toepassen: gecontroleerde omstandigheden, reproduceerbaarheid.
Ontwerpende houding
3.6.5 De leerlingen kennen de volgende begrippen: ontwerpen, optimaliseren, de ontwerpcyclus, verkennen, ideeën verzinnen en selecteren, het ontwerp plannen, het ontwerp realiseren, testen en optimaliseren, presenteren.
3.6.6 De leerlingen kennen de ontwerpcyclus als een gestructureerde aanpak met de volgende fasen: verkennen, ideeën verzinnen en selecteren, ontwerp plannen, ontwerp realiseren, testen en optimaliseren, presenteren.
3.6.7 De leerlingen kennen het belang van het formuleren van criteria om aan een behoefte te voldoen.
3.6.8 De leerlingen kunnen ontwerpen met behulp van de ontwerpcyclus.
Technologie: hoe mens, wetenschap en technologie elkaar beïnvloeden
3.7.1 De leerlingen kennen de volgende begrippen: de wisselwerking, de wetenschap, de technologie, de technologische ontwikkeling, de wetenschappelijke ontdekking, de innovatie,
de uitvinding, de duurzaamheid, de ecologische voetafdruk, de ethiek.
Technische systemen beschrijven
3.7.7 De leerlingen kennen de volgende begrippen: het tandwiel, de riem, de ketting, de hefboom, de katrol, het technische systeem, de vormgeving, het design.
Methode
Probleemstelling
Vertrek vanuit het probleem van plastic afval.
Wat doen winkels om hun afval te beperken?
We denken aan de plastic draagtasjes die vermeden worden of vervangen worden door papieren tasjes.
Ook herbruikbare tasjes en koeken in grote verpakking (niet afzonderlijk verpakt) zijn beter.
Centrale probleemstelling:
"Wat is een goede, duurzame verpakking?"
Onderzoeken van verpakkingen
Materialen: werkbundel pagina 1, 2 en 3 en een tweetal weegschalen.
De kinderen kiezen per twee een verpakking. Samenwerken zorgt voor aanvullende dialoog.
Zorg ervoor dat de verpakking heel wat mogelijkheden biedt tot onderzoek. De kinderen gebruiken het werkblad met richtvragen om hun aandacht op enkele zaken te vestigen.
Voor sommige vragen (2 en 3) mag een computer gebruikt worden om het antwoord te vinden.
De kinderen maken een mindmap waarbij ze elementen over de verpakking noteren.
Verbanden kunnen aangeduid worden met een pijl. Het is vooral de bedoeling om hier ook even stil te staan bij een meer of minder duurzame verpakking.
Enkele voorbeelden van observaties en verbanden:
- Gaatjes in een verpakking met ‘kijkvenster’ in transparante folie lokt klanten.
- Wanneer verpakkingen opengevouwd worden krijg je mogelijks een bouwplan.
- Let op kleine details: ribbeltjes, vouwklepjes, lijmplekjes, …
- Leg verband tussen het materiaal en de eigenschappen.
- Sta voldoende stil bij de tekst of vormgeving van de verpakking.
Kijk ook al eens vooraf welke pictogrammen er staan. Deze hebben vaak met recycleren of afvalverwerking te maken. Soorten plastic krijgen bijvoorbeeld een eigen code. We maakten een selectie van veel voorkomende pictogrammen op het werkblad maar dit zijn niet lang alle (officiële) pictogrammen. De bedoeling is vooral het zoeken en denken te stimuleren.
Waardeoordeel:
De kinderen kiezen de ‘beste’ of de ‘slechtste’ verpakking uit.
Ze vertellen aan de klas waarom de verpakking het beste is.
Onderzoek rapporteren
Zet drie duo's met elk een verschillende verpakking samen.
De duo’s vertellen aan de hand van hun mindmap wat ze te weten gekomen.
Filosofeer even:
Wat is de ‘beste’ verpakking eigenlijk?
Gaat het hier om de meeste inhoud, de goedkoopste materialen of de aantrekkelijkste?
Wat als er geen verpakkingen zouden bestaan in de wereld?
Als we maar 1 materiaal zouden mogen kiezen overal ter wereld, wat zouden we dan kiezen?
Stel daarna de hamvraag: “Welke verpakking zou PLONS het interessantst vinden?”
Op dit moment laat je leerlingen op zoek gaan welke de duurzaamste verpakking is.
Is onze kennis eigenlijk groot genoeg om hier een antwoord op te geven?
Er zijn voor – en nadelen aan elk soort verpakking.
We maken de balans voor duurzaamheid:
- Hoe snel breekt de verpakking af in de natuur?
- Hoeveel energie of grondstoffen kost het om de verpakking te maken?
- Welke grondstoffen zijn wel of niet hernieuwbaar?
- Hoeveel keer en waarin kan de verpakking gerecycleerd worden?
Onderzoek naar knapperige koekjes
Materialen: werkbundel pagina 4 en pak met (veel) dezelfde (goedkope) koekjes. (zie: downloads)
Nadat over verpakkingen geleerd werd, moeten we uitzoeken welke verpakking ideaal is om koekjes te verpakken. Vraag de kinderen wat de bedoeling is van een verpakking voor koekjes.
Waar moeten de ontwerpers van een verpakking rekening mee houden?
Lees de criteria op pagina 4. Hadden jullie alles zelf bedacht? Of bedacht je nog andere zaken?
Daarna is het tijd om een onderzoek op te zetten. Alles tegelijk testen gaat niet.
Daarom zullen we enkel de variabele ‘knapperigheid’ van de koekjes testen.
Bespreek met de kinderen welke materialen verzameld moeten worden.
We denken aan plasticfolie, doosjes, krantenpapier, keukenpapier, stof, …
Je vindt een voorbeeld van zo’n onderzoek hieronder.
Lees de tips op pagina 4 en wikkel de koekjes in verschillende materialen.
Is het de eerste keer dat je onderzoek doet? Dan kan je klassikaal het voorbeeld volgen.
Extra informatie:
In de wetenschap spreken we over kwantitatieve data. Dit krijg je via meetapparatuur.
Zo kan je testen hoeveel geluid een koekje maakt of bij welke kracht het breekt.
Als kinderen zelf een waardeoordeel geven aan hoe knapperig ze iets vinden is dit subjectief.
Dan spreken we over kwalitatieve data. Dit is dus hoe wij het onderzoek zullen voeren.
Tip: https://schooltv.nl/video-item/het-klokhuis-koekjes (minuut 12:12)
VOORBEELD
Stap 1: materialen kiezen
We willen testen wat het verschil is tussen papier, stof, aluminiumpapier en plasticfolie.
We verzamelen dus deze 4 materialen.
Stap 2: timing kiezen
We beslissen dat we de test afnemen per etmaal, met een duurtijd van 4 etmalen.
We starten met de proef op maandag en proeven elke dag op hetzelfde moment.
Stap 3: verwerking en beoordelingsschaal kiezen
Manueel: je kan ervoor kiezen om de resultaten zelf in een tabel te tekenen.
Digitaal: een andere optie is het gebruiken van software op een computer.
Een voordeel hiervan is dat je achteraf een grafiek kan laten genereren.
Je kan voor het waardeoordeel kiezen voor smileys, kleuren of cijfertjes.
Dit kan er dan zo uitzien.
Titel: onderzoek knapperige koekjes
Materialen | dinsdag | woensdag | donderdag |
Controlegroep |
|
|
|
Plasticfolie |
|
|
|
Aluminiumfolie |
|
|
|
Papier |
|
|
|
Stof |
|
|
|
Schaal: 4 = extra knapperig
3 = redelijk knapperig
2 = eerder zacht
1= erg zacht
Stap 4: een eerlijk onderzoek opzetten
Vergeet niet om een controlegroep (koekjes zijn niet ingepakt) te voorzien.
Zorg ook dat alle andere koekjes goed ingepakt zijn en luchtdicht zijn.
Denk over hoe je de taken verdeelt.
Als alle kinderen alles testen heb je per kind 5 keer 3 koeken nodig.
Je kiest er beter voor de klas in groepen te verdelen die elk iets anders testen.
Als de verpakking niet luchtdicht is weet je niet wat het effect is van het materiaal.
Vergeet ook niet om een hypothese te stellen: ‘Ik denk dat … omdat …’
Stap 5: de resultaten registeren en een besluit trekken
Laat de kinderen elke dag proeven en een waarde – oordeel geven.
Je kan het gemiddelde van de klas uitrekenen per oordeel.
Kom tot een besluit: welk materiaal zorgt voor het beste behoud van de knapperige crunch?
Een eigen verpakking ontwerpen
Materialen: werkbundel pagina 5, hobbymaterialen, laptop (zie: downloads)
Nadat het onderzoek voltooid is kunnen de opgedane inzichten verwerkt worden in een nieuwe, zelfbedachte koekjesverpakking. We bedachten enkele criteria in de werkbundel. Er zijn twee mogelijkheden:
1. Je ontwerpt een nieuwe verpakking voor een koekje.
Je zal als het ware een producent moeten overtuigen waarom jouw verpakking de beste is.
2. Je ontwerpt een aantrekkelijke, functionele bewaardoos voor koeken.

Als leerkracht zal kan je coachen en vragen stellen om oorzaak – gevolg denken te stimuleren.
Differentiëren:
De kinderen die moeilijk tot een idee komen kunnen eventueel nog eens op zoek gaan naar bestaande koekjesverpakkingen. Verwijs ook naar de originele mindmap. Wat hadden ze zelf ontdekt of gehoord van de anderen?
Materialen:
De balans wordt opgemaakt tussen milieuvriendelijkere of herbruikbare verpakkingen en de eigenschappen van materialen om de koek knapperig te houden. Het materiaal zal ook bepalen hoe de vorm van de verpakking zal worden. Mogelijk worden materialen gecombineerd. Richtvragen hierbij zijn:
- Wat maakt dat je kiest voor dit materiaal?
- Wat zijn de voordelen of nadelen van dit materiaal?
- Wat zijn de grondstoffen van jouw materiaal?
- Wat gebeurt er met de verpakking nadat hij niet meer gebruikt wordt?
Vorm:
De vorm hangt samen met de materiaalkeuze en manier van bevestigen. Verwijs naar de originele verpakkingen en hoe deze in elkaar steken. Denk na over het openen of sluiten van de verpakking. Is er een klepje, lijmstrook, touwtje, nietjes?
Richtvragen hierbij zijn:
- Wat is de reden om deze vorm te kiezen?
- Uit hoeveel stukken bestaat je ontwerp?
- Kan je iets vouwen zodat je minder stukken moet maken?
- Hoe moet je de verpakking openen of sluiten?
- Hoe draagt jouw vorm of materiaalkeuze bij tot het beschermen van de inhoud?
Uiterlijk:
De verpakking moet mogelijke kopers of gebruikers aantrekken. Er kan gewerkt worden met vrolijke kleuren, kijkvenster, duidelijke foto van de inhoud, …
Stel richtvragen die kinderen stimuleren om in die richting te denken:
- Wat maakt dat je kiest voor deze kleur / foto?
- Voor wie is de verpakking bestemd? Wat vindt de koper belangrijk?
- Moeten er pictogrammen op de verpakking komen? Wat betekenen deze?
- Moet er informatie op de verpakking komen? Waar vind je die?
- Is de informatie op jouw verpakking volledig?
Evalueren en reflecteren
De kinderen stellen hun verpakking voor en duiden de door hun gemaakte keuzes.
Voldoet de verpakking aan de criteria?
Waar is nog verbetering mogelijk?
Welke suggesties of tips geven de kinderen elkaar?
Materialenlijst
Verzamel een week lang verpakkingen van afval.
Vraag de kinderen om gevarieerde verpakkingen mee te brengen.
Bij voorkeur hangen etiketten en labels nog op de verpakking.
Op de foto’s hieronder zijn deze omwille van reclame doeleinden bewust weggelaten.
Wijs erop dat verpakkingen van eten best gereinigd worden.
Vraag ook om een bewaardoos of bewaarpotjes mee te brengen van thuis.
Je kan er zelf als leerkracht ook meebrengen of een ontdekdoos maken.
Stop daarin enkele klassieke verpakkingen en bewaardozen.
Zorg ervoor dat er variatie is: glazen bokalen of kruidenpotjes, enveloppes of dozen met beschermlaag in, dozen van pakjespost, isomo, schuimverpakking (dit is geen isomo!) schaaltjes, tinnen doos, zakjes van koekjes, foliezakjes, broodzakjes, stof, …

Andere materialen:
- Werkbundel (zie downloads)
- Weegschalen
- Hobbymaterialen
- Karton, plastic, aluminiumfolie, (kranten)papier, bakpapier, opslagdozen of bokalen
- Pak met gelijke koekjes
- Laptop of ipad om op te zoeken

