In dit praktijkvoorbeeld ontwerpen de kinderen een kaarsenhouder op basis van meetkundige figuren en onderzoeken de verhoudingen van beton. De inzichten worden daarna toegepast bij het maken van een betonnen kaarsenhouder.
Context en probleemstelling
Deze activiteit kan vertrekken vanuit verschillende invalshoeken die aansluiten bij de belevingswereld van de kinderen:
- Wiskundeles rond meetkundige figuren: leerlingen maken kennis met verschillende meetkundige figuren zoals cirkels, vierkanten en driehoeken. Ze ontdekken hoe deze vormen in het dagelijks leven worden toegepast, bijvoorbeeld in het ontwerp van kaarsenhouders.
- Dozen en doosvormen: door te kijken naar verschillende soorten dozen en hun vormen, leren kinderen over de praktische toepassingen van meetkunde. Dit helpt hen bij het ontwerpen van hun eigen kaarsenhouder.
- Materialen en verhoudingen: leerlingen worden geïntroduceerd in de basisprincipes van beton als constructiemateriaal. Ze onderzoeken de verhoudingen van de ingrediënten (cement, zand, water) en experimenteren met kleine hoeveelheden om te zien hoe deze verhoudingen de eigenschappen van het beton beïnvloeden.
- Feestdagen en gezelligheid: kaarsen worden vaak gebruikt tijdens feestdagen en speciale gelegenheden om sfeer en gezelligheid te creëren. Door een kaarsenhouder te maken, kunnen kinderen iets unieks en persoonlijks bijdragen aan deze momenten.
Eindtermen lager onderwijs
Levende en niet‐levende natuur
1.14 De leerlingen kunnen van courante materialen uit hun omgeving enkele eigenschappen aantonen.
Kerncomponenten van techniek
2.6 De leerlingen kunnen illustreren hoe technische systemen onder meer gebaseerd zijn op kennis over eigenschappen van materialen of over natuurlijke verschijnselen;
Techniek als menselijke activiteit
2.9 De leerlingen kunnen een probleem, ontstaan vanuit een behoefte, technisch oplossen door verschillende stappen van het technisch proces te doorlopen;
2.11 De leerlingen kunnen ideeën genereren voor een ontwerp van een technisch systeem;
2.12 De leerlingen kunnen keuzen maken bij het gebruiken of realiseren van een technisch systeem, rekening houdend met de behoefte, met de vereisten en met de beschikbare hulpmiddelen;
2.15 De leerlingen kunnen technische systemen in verschillende toepassingsgebieden van techniek gebruiken en/of realiseren
2.16 De leerlingen zijn bereid hygiënisch, nauwkeurig, veilig en zorgzaam te werken.
Methode
Probleem introduceren
Er zijn heel wat betekenisvolle contexten om tot deze activiteit te komen:
- Er zijn werken in de omgeving van de school waarbij beton gegoten wordt.
- Er wordt verbouwd bij een kind thuis.
- Een pakje maken voor moederdag.
- Liturgische vieringen zoals advent (veilige kaarsenhouders) Kerstmis of Pasen.
Centrale probleemstelling:
“Wat is het proces om tot een goed uitgedroogde betonnen figuur (kaarsenhouder) te komen?"
Onderzoek van dozen en doosvormen
Verzamel verschillende doosverpakkingen.
De kinderen bekijken de verschillende dozen en ontwerpen deze aan een onderzoek.
Ze gaan hierover in gesprek.
Begeleidingsvragen:
• Wat zag je?
• Wat waren de verschillen?
• Wat was er hetzelfde, wat zijn de gelijkenissen?
• Waarom werd gekozen voor het principe, denk je?
• Hoe zijn de de verschillende dozen gemaakt?
Mogelijkheden van verschillende principes
• Dozen waarbij de bodem uit 1 geheel bestaat.
vs. dozen met “geplakte” bodem.
• Dozen waarbij alleen gevouwen is:
het restmateriaal wordt geplooid (kan bij papier en dun karton)
• Dozen waarbij geknipt wordt:
flapjes om de constructie stevig te maken
Ontwerpen van een doosvorm (prisma)
De kinderen maken een open doosvorm met een meetkundige figuur als basis.
(vierkant, rechthoek, cirkel, driehoek)
Dit kan een aanleiding zijn om in latere fase het volume van de figuur te berekenen.
(volume prisma = oppervlakte grondvlak x hoogte)
Aandachtspunten:
2 concentrische figuren
verschil tussen binnen en buitenfiguur = hoogte van de open doos
gebruik van een passer vermijden (geeft een gaatje in de vorm).
Tip: de cirkel best op een patroon tekenen en dan overteken.
Begeleidingsvragen:
Wat heb je gemaakt?
Welke materialen (papier, karton, plasticfolie, aluminiumfolie) heb je gebruikt?
Waarom heb je dit gekozen?
Hoe ben je aan de slag gegaan?
Wat ging er goed?
Wat ging er niet zo goed?
Wat wil je behouden?
Wat zou je graag anders doen?
Hoe zou je dit anders kunnen doen?
Hoe heb je je vormpje dicht gemaakt / gesloten?
Wat kan er behouden worden / aangepast worden als de vorm waterdicht moet zijn?
Tip: test dit even uit.
Ontwerpen optimaliseren: een complexere doosvorm
De kinderen bedenken een complexe doosvorm naar eigen keuze die de basis wordt voor hun kaarsenhouder voor een theelichtje.
Criterium:
doosvorm moet minstens 3/2 de hoogte hebben van het theelichtje.
Meet de dimensies van het theelichtje. (hoogte, doorsnede)
Extra criterium: kan er reliëf gecreëerd worden door extra volume aan te brengen in de mal?
Nadat het doosje gemaakt werd wordt een reflectie voorzien.
Begeleidingsvragen:
Wat heb je gemaakt?
Waarom heb je dit gekozen?
Hoe ben je aan de slag gegaan?
Wat ging er goed?
Wat ging er niet zo goed?
Wat heb je anders gedaan dan bij de vorige oefening?
Wie heeft er idee gebruikt dat daarstraks iemand anders getoond heeft? Welk en waarom?
Onderzoek naar een goede samenstelling voor beton
Vraag de kinderen hoe je beton maakt.
We gebruiken cement, rijnzand, grind en water.
Het grind kan weggelaten worden om een kaarsenhouder te maken.
Zet een onderzoek op waarbij je verschillende samenstellingen test.
Bespreek met de kinderen hoeveel deeltjes we afmeten.
Laat ze zelf bepalen hoe je dit het beste kan: beker, weegschaal, ...
Bepaal ook hoe lang de droogtijd van het beton is.
Beste verhoudingen:
- 1 deel cement
- 2 delen zand
- 2 delen grind
- 0,5 delen water
Tip: zorg ervoor dat de tafels beschermd worden.
Extra criterium: kan er ook gekleurd beton gemaakt worden?
Laat in een tabel bijhouden hoe het mengsel gemaakt werd.
Begeleidingsvragen:
• Hoe ging je te werk?
• Wat was makkelijk?
• Wat was moeilijk? Lastig?
• Wie heeft er anderen tips gegeven? Welke? Waarom?
Ontwerp uitvoeren en testen
De kinderen maken het beste betonmengsel en vullen hun vormpje.
Ze laten het nadien drogen en ontvormen het.
Is alles gelukt of moet er bijgestuurd worden?
Is de mal goed dicht?
Aandachtspunten:
laat eerst op de onderkant van de mal de naam van de deelnemers schrijven.
vul tot ½, plaats dan het theelichtje, vul daarna aan met beton tot het vormpje vol is.
laat de vorm wat trillen om luchtbellen te vermijden.
Het vormpje kan hierna versierd worden.
Materialen
Materialen voor onderzoek en ontwerp van doosje
allerlei kartonnen dozen/doosjes die kunnen gedemonteerd worden
kladpapier
tekengerief
schaar
kleefband
sjablonen met meetkundige vormen
meetlat
(ruitjes)papier of dun karton aan 1 zijde geplastificeerd
waterbestendige tape
plasticfolie, aluminiumfolie, karton, ... (waterdichte materialen)
theelichtjes
Materialen voor onderzoek en ontwerp van beton
weegschaal
meetlat
alcoholstift (permanent marker)
maatbeker 200 ml of 250 ml
schrijfgerief + kladpapier
plastiek (wegwerp)bekertje
handdoek of zuivere vodden
rijnzand, cement, water
roerstaafje
2 eetlepels of schepjes
Materialen voor extra criteria
wateroplosbare verf, kleurstof, ...
watervaste tape of lijmpistool
touw, karton, plastieken voorwerpjes, schaar, kniptang